Einde inhoudsopgave
RvdW 2025/309
OM-cassatie. Beklag, beslag ex art. 94 Sv op geldbedrag (€ 25.155,24) onder achterneven van klager t.z.v. verdenking van witwassen. Motivering gegrondverklaring klaagschrift en summier karakter onderzoek in raadkamer. Heeft Rb (enkelvoudige raadkamer) gegrondverklaring van klaagschrift toereikend gemotiveerd gelet op wat OvJ in schriftelijk standpunt en bij behandeling in raadkamer heeft aangevoerd en heeft Rb voldoende onderkend dat onderzoek in raadkamer een summier en voorlopig karakter draagt? HR: Gelet op de in CAG genoemde rechtspraak van HR en daarin besproken motiveringsgebrek in beschikking van Rb slaagt middel. CAG: Beklagrechter neemt beslissing tot opheffing van beslag o.b.v. incompleet dossier en lijkt van oordeel te zijn dat van verdenking van witwassen geen sprake meer is. Gelet op wat OM naar voren heeft gebracht, te weten dat (i) achterneven van klager zijn aangehouden in verband met verdenking van witwassen, (ii) inbeslaggenomen geldbedrag vermoedelijk voorwerp van witwassen betreft, (iii) ondanks ontkenning van achterneef van klager er redelijke twijfel bestaat dat niet klager maar hij rechthebbende van geldbedrag is, (iv) dossier geen enkel aanknopingspunt biedt voor standpunt dat klager de rechthebbende van geldbedrag is, (v) uit de namens klager overgelegde bankafschriften weliswaar blijkt dat hij legale bron van inkomsten heeft maar dat dit niet direct in verband is te brengen met inbeslaggenomen geldbedrag en (vi) OM voornemens is in strafzaak tegen achterneef van klager de verbeurdverklaring van geldbedrag te vorderen, is op voorhand niet ondenkbaar dat in strafprocedure de verklaringen van achterneef van klager en klager worden weerlegd en strafrechter anders zal oordelen over vraag of sprake is van witwassen. Oordeel Rb dat ‘het hoogst onwaarschijnlijk is dat strafrechter, later oordelend, verbeurdverklaring van inbeslaggenomen geldbedrag zal bevelen’ is, mede gelet op wat door OM naar voren is gebracht, ontoereikend gemotiveerd. Volgt vernietiging en terugwijzing. Samenhang met RvdW 2025/308.
HR 11-02-2025, ECLI:NL:HR:2025:199
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
11 februari 2025
- Magistraten
Mrs. M.J. Borgers, M. Kuijer, C.N. Dalebout
- Zaaknummer
24/01541 B
- Conclusie
A-G mr. P.M. Frielink
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Strafprocesrecht / Rechtsmiddelen
Materieel strafrecht / Delicten Wetboek van Strafrecht
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:199, Uitspraak, Hoge Raad, 11‑02‑2025
ECLI:NL:PHR:2024:1386, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 17‑12‑2024
Essentie
OM-cassatie. Beklag, beslag ex art. 94 Sv op geldbedrag (€ 25.155,24) onder achterneven van klager t.z.v. verdenking van witwassen. Motivering gegrondverklaring klaagschrift en summier karakter onderzoek in raadkamer. Heeft Rb (enkelvoudige raadkamer) gegrondverklaring van klaagschrift toereikend gemotiveerd gelet op wat OvJ in schriftelijk standpunt en bij behandeling in raadkamer heeft aangevoerd en heeft Rb voldoende onderkend dat onderzoek in raadkamer een summier en voorlopig karakter draagt? HR: Gelet op de in CAG genoemde rechtspraak van HR en daarin besproken motiveringsgebrek in beschikking van Rb slaagt middel. CAG: Beklagrechter neemt beslissing tot opheffing van beslag o.b.v. incompleet dossier en ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.