RvdW 2025/295:Medeplegen diefstal, art. 311 lid 1 onder 4 Sr. Vrijspraak in eerste aanleg. Bewijsklacht. Uitdrukkelijk onderbouwd standpunt dat verdachte moet worden vrijgesproken, art. 359 lid 2 Sv. HR: Om redenen vermeld in CAG faalt middel. CAG: Hof hoeft niet op ieder argument voor van uos apart in te gaan maar moet uitleggen waarom het naar voren gebrachte maar niet aanvaarde standpunt van verdediging (dat verdachte moet worden vrijgesproken) niet wordt gevolgd. Hof heeft uit zijn vaststellingen o.b.v. bewijsmiddelen niet onbegrijpelijk afgeleid dat 2 personen die paadje in renden de daders van diefstal met geweld waren en dat mondmasker door een van daders van die diefstal in steegje is achtergelaten. Dat het verdachte is geweest die mondmasker heeft achtergelaten heeft hof vervolgens vastgesteld o.b.v. DNA-onderzoek. Hof heeft daarbij ook betrokken dat verdachte korte tijd voor diefstal in buurt van plaats delict was, hetgeen kan worden afgeleid uit meerdere voor bewijs gebruikte herkenningen.