Einde inhoudsopgave
RvdW 2023/855
Sprongcassatie. Faillissementsrecht. Verrekening; goedetrouwmaatstaf (art. 54 lid 1 en 235 lid 1 Fw). Reikwijdte verruimende uitzondering op beperkte verrekeningsbevoegdheid banken (HR 17 februari 1995, NJ 1996/471).
HR 25-08-2023, ECLI:NL:HR:2023:1135
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
25 augustus 2023
- Magistraten
Mrs. M.J. Kroeze, T.H. Tanja-van den Broek, H.M. Wattendorff, A.E.B. ter Heide, K. Teuben
- Zaaknummer
21/04254
- Conclusie
A-G mr. E.B. Rank-Berenschot
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Financieel recht / Bank- en effectenrecht
Vermogensrecht / Algemeen
Insolventierecht / Faillissement
Goederenrecht / Zekerheidsrechten
Burgerlijk procesrecht / Cassatie
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2023:1135, Uitspraak, Hoge Raad, 25‑08‑2023
ECLI:NL:PHR:2023:176, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 10‑02‑2023
Beroepschrift, Hoge Raad, 15‑12‑2021
Beroepschrift, Hoge Raad, 12‑11‑2021
- Wetingang
Essentie
Sprongcassatie. Faillissementsrecht. Verrekening; goedetrouwmaatstaf (art. 54 lid 1 en 235 lid 1 Fw). Reikwijdte verruimende uitzondering op beperkte verrekeningsbevoegdheid banken (HR 17 februari 1995, NJ 1996/471).
Samenvatting
Art. 54 lid 1 en 235 lid 1 Fw bepalen dat degene die een schuld aan de gefailleerde/de boedel of een vordering op de gefailleerde/de boedel voor de faillietverklaring/de aanvang van de surseance van een derde heeft overgenomen, niet bevoegd is tot verrekening indien hij bij deze overneming niet te goeder trouw heeft gehandeld. Of degene die een schuld aan ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.