NJB 2023/2053
Sint Maarten. Bewijswaardering. Motivering. In zijn eerste tussenvonnis acht het hof een betwiste stelling voorshands bewezen. In zijn tweede tussenvonnis acht het hof het bewijs ontzenuwd. In zijn eindvonnis acht het hof het bewijs toch geleverd. Hoge Raad: De door de procespartij aangevoerde stellingen zijn relevant voor het bewijsoordeel. In het licht daarvan heeft het hof, door in zijn eindvonnis terug te komen van het bewijsoordeel waartoe het in zijn tweede tussenvonnis was gekomen zonder die stellingen kenbaar in zijn oordeelsvorming te betrekken en daarop in zijn eindvonnis in te gaan, zijn oordeel onvoldoende gemotiveerd.
HR 01-09-2023, ECLI:NL:HR:2023:1146
- Instantie
Hoge Raad (Civiele kamer)
- Datum
1 september 2023
- Magistraten
Mrs. M.V. Polak, C.H. Sieburgh, S.J. Schaafsma
- Zaaknummer
22/02637
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Civiel recht algemeen (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2023:1146, Uitspraak, Hoge Raad (Civiele kamer), 01‑09‑2023
ECLI:NL:PHR:2023:543, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 26‑05‑2023
- Wetingang
Essentie
Sint Maarten. Bewijswaardering. Motivering. In zijn eerste tussenvonnis acht het hof een betwiste stelling voorshands bewezen. In zijn tweede tussenvonnis acht het hof het bewijs ontzenuwd. In zijn eindvonnis acht het hof het bewijs toch geleverd. Hoge Raad: De door de procespartij aangevoerde stellingen zijn relevant voor het bewijsoordeel. In het licht daarvan heeft het hof, door in zijn eindvonnis terug te komen van het bewijsoordeel waartoe het in zijn tweede tussenvonnis was gekomen zonder die stellingen kenbaar in zijn oordeelsvorming te betrekken en daarop in zijn eindvonnis in te gaan, zijn oordeel onvoldoende gemotiveerd.
Partij(en)
SMPD, adv. ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.