Einde inhoudsopgave
Verordening (EG) nr. 2533/98 met betrekking tot het verzamelen van statistische gegevens door de Europese Centrale Bank
Artikel 2 Referentiepopulatie van informatieplichtigen
Geldend
Geldend vanaf 12-03-2026
- Bronpublicatie:
16-12-2025, PbEU L 2026, 2026/415 (uitgifte: 20-02-2026, regelingnummer: 2026/415)
- Inwerkingtreding
12-03-2026
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
16-12-2025, PbEU L 2026, 2026/415 (uitgifte: 20-02-2026, regelingnummer: 2026/415)
- Vakgebied(en)
Financieel recht / Bank- en effectenrecht
1.
Ter vervulling van de ECB-vereisten met betrekking tot het rapporteren van statistische gegevens is de ECB, bijgestaan door de nationale centrale banken overeenkomstig artikel 5.2 van de statuten, bevoegd tot het verzamelen van statistische gegevens binnen de grenzen van de referentiepopulatie van informatieplichtigen en van hetgeen nodig is om de taken van het ESCB uit te voeren. Met name mogen gegevens worden verzameld op het gebied van monetaire en financiële statistieken, statistieken van bankbiljetten, betalingsstatistieken en statistieken betreffende betalingssystemen, betreffende financiële stabiliteit, statistieken betreffende de betalingsbalans en statistieken betreffende de internationale investeringspositie. Indien dit nodig is voor de vervulling van de taken van het ESCB kunnen in naar behoren gemotiveerde gevallen ook aanvullende gegevens op andere gebieden worden verzameld. De gegevens die ter vervulling van de ECB-vereisten met betrekking tot het rapporteren van statistische gegevens worden verzameld, worden nader omschreven in het statistisch werkprogramma van de ECB.
2.
Voor de toepassing van deze verordening omvat de referentiepopulatie van informatieplichtigen de volgende informatieplichtigen:
- a)
in een lidstaat ingezeten natuurlijke en rechtspersonen die vallen onder de sector ‘financiële instellingen’ (S.12) zoals gedefinieerd in het ESR 2010;
- b)
in een lidstaat ingezeten postcheque- en girodiensten;
- c)
in een lidstaat ingezeten natuurlijke en rechtspersonen, voor zover zij grensoverschrijdende posities aanhouden of grensoverschrijdende transacties hebben uitgevoerd;
- d)
in een lidstaat ingezeten natuurlijke en rechtspersonen, voor zover zij effecten of elektronisch geld hebben uitgegeven;
- e)
in een deelnemende lidstaat ingezeten natuurlijke en rechtspersonen, voor zover zij financiële posities aanhouden ten aanzien van ingezetenen van andere deelnemende lidstaten of financiële transacties hebben uitgevoerd met ingezetenen van andere deelnemende lidstaten;
- f)
in een deelnemende lidstaat ingezeten financiële instellingen en ondernemingen zoals gedefinieerd in artikel 4, lid 1, punten 1) tot en met 7), van Verordening (EU) nr. 575/2013 van het Europees Parlement en de Raad (1) die niet vallen onder de sector ‘financiële instellingen (S.12)’ zoals gedefinieerd in het ESR 2010.
3.
Een lichaam dat normaliter zou vallen onder de definitie van lid 2 maar dat naar het nationale recht van het land waarvan zij ingezetene zijn noch een rechtspersoon noch een verzameling van natuurlijke personen is, maar dat wel rechten kan hebben en aan verplichtingen onderworpen kan zijn, is een informatieplichtige. De rapportageplicht van een dergelijk lichaam wordt nagekomen door de personen die het in rechte vertegenwoordigen.
Wanneer een rechtspersoon, een verzameling van natuurlijke personen of een lichaam als bedoeld in de eerste alinea een bijkantoor heeft dat ingezetene is van een ander land, is dit bijkantoor een zelfstandige informatieplichtige, ongeacht de locatie van het hoofdkantoor, voor zover het bijkantoor voldoet aan de in lid 2 omschreven voorwaarden, afgezien van het bezit van rechtspersoonlijkheid. Alle in dezelfde lidstaat gevestigde bijkantoren worden beschouwd als één enkel bijkantoor wanneer zij onder dezelfde economische subsector vallen. De rapportageplicht van een bijkantoor wordt nagekomen door de personen die het bijkantoor in rechte vertegenwoordigen.
4.
De ECB heeft het recht statistische gegevens te verzamelen van een informatieplichtige die valt onder het toepassingsgebied van de referentiepopulatie van informatieplichtigen zoals nader bepaald in lid 2 of 3, met betrekking tot:
- a)
rechtspersonen, verzamelingen van natuurlijke personen of entiteiten die onder zeggenschap staan van informatieplichtigen (hierna ‘entiteiten waarover zeggenschap wordt uitgeoefend’), of
- b)
de bijkantoren van de informatieplichtige, ongeacht waar die zich bevinden.
De ECB specificeert hoe de in de eerste alinea bedoelde gegevens moeten worden gerapporteerd, met inbegrip van de toe te passen consolidatie- en verrekeningsbeginselen.
Voor de toepassing van de punten a) en b) zijn de entiteiten waarover zeggenschap wordt uitgeoefend of de bijkantoren daarvan geen zelfstandige informatieplichtigen.
Voetnoten
Verordening (EU) nr. 575/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 26 juni 2013 betreffende prudentiële vereisten voor kredietinstellingen en tot wijziging van Verordening (EU) nr. 648/2012 (PB L 176 van 27.6.2013, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2013/575/oj).;