Einde inhoudsopgave
Verordening (EU) nr. 1304/2013 betreffende het Europees Sociaal Fonds
Artikel 11 Fondsspecifieke bepalingen voor operationele programma's
Geldend
Geldend vanaf 21-12-2013
- Redactionele toelichting
Gecorrigeerd via een rectificatie (PbEU 2016, L 330).
- Bronpublicatie:
17-12-2013, PbEU 2013, L 347 (uitgifte: 20-12-2013, regelingnummer: 1304/2013)
- Inwerkingtreding
21-12-2013
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
17-12-2013, PbEU 2013, L 347 (uitgifte: 20-12-2013, regelingnummer: 1304/2013)
- Vakgebied(en)
Overheidsfinanciën / EU-financiën
Internationaal publiekrecht / Bijzondere onderwerpen
1.
In afwijking van artikel 96, lid 1, van Verordening (EU) nr. 1303/2013 kunnen operationele programma's prioriteitsassen vaststellen voor de implementatie van sociale innovatie en transnationale samenwerking, als bedoeld in de artikelen 9 en 10 van deze verordening.
2.
In afwijking van artikel 120, lid 3, van Verordening (EU) nr. 1303/2013 wordt het maximaal medefinancieringspercentage voor een prioriteitsas met tien procentpunten verhoogd, maar tot niet meer dan 100 %, wanneer de gehele prioriteitsas is gewijd aan sociale innovatie of transnationale samenwerking of een combinatie van beide.
3.
Naast de bepaling in artikel 96, lid 3, van Verordening (EU) nr. 1303/2013 stellen de operationele programma's ook de bijdrage van de geplande, door het ESF gesteunde acties vast voor:
- a)
de thematische doelstellingen, als vermeld in artikel 9, eerste alinea, punten 1) tot en met 7), van Verordening (EU) nr. 1303/2013, zo nodig per prioriteitsas;
- b)
sociale innovatie en transnationale samenwerking, als bedoeld in de artikelen 9 en 10 van deze verordening, wanneer zij niet onder een speciale prioriteitsas vallen.