Einde inhoudsopgave
Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie (herschikking)
Artikel 35 Verplicht financieel memorandum
Geldend
Geldend vanaf 29-09-2024
- Bronpublicatie:
23-09-2024, PbEU L 2024, 2024/2509 (uitgifte: 26-09-2024, regelingnummer: 2024/2509)
- Inwerkingtreding
29-09-2024
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
23-09-2024, PbEU L 2024, 2024/2509 (uitgifte: 26-09-2024, regelingnummer: 2024/2509)
- Vakgebied(en)
EU-recht / Algemeen
EU-recht / Financiering
1.
Bij elk voorstel of initiatief dat door de Commissie, de hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid (‘de hoge vertegenwoordiger’) of een lidstaat wordt ingediend bij de wetgevende autoriteit en dat gevolgen kan hebben voor de begroting, daaronder begrepen wijzigingen in het aantal ambten, wordt een financieel memorandum gevoegd dat schattingen bevat van de betalings- en vastleggingskredieten, door middel van een beoordeling van de verschillende beschikbare financieringsopties en de evaluatie vooraf of effectbeoordeling waarin artikel 34 voorziet.
Bij elke wijziging van een voorstel of initiatief dat wordt ingediend bij de wetgevende autoriteiten dat een aanzienlijk gevolg kan hebben voor de begroting, met inbegrip van het aantal ambten, wordt een financieel memorandum gevoegd dat is opgesteld door de instelling van de Unie die de wijziging voorstelt.
Het financieel memorandum bevat de nodige financiële en economische gegevens op grond waarvan de wetgevende autoriteit kan beoordelen of een optreden van de Unie noodzakelijk is. Voorts bevat het nuttige informatie over de samenhang met andere activiteiten van de Unie en eventuele synergie.
Voor meerjarenacties omvat het financieel memorandum een tijdschema met een raming van de jaarlijks benodigde vastleggings- en betalingskredieten en ambten, met inbegrip van extern personeel, alsmede een evaluatie van de financiële gevolgen op middellange en, indien mogelijk, lange termijn.
2.
Tijdens de begrotingsprocedure verstrekt de Commissie de nodige informatie voor een vergelijking tussen de ontwikkeling van de kredietbehoeften en de oorspronkelijke ramingen in het financieel memorandum, op basis van de stand van de beraadslagingen over het voorstel of initiatief dat is ingediend bij de wetgevende autoriteit.
3.
Om het gevaar van fraude, onregelmatigheden en het niet-behalen van de doelstellingen te verkleinen, worden in het financieel memorandum informatie betreffende het ingestelde internecontrolesysteem, een raming van de kosten en baten van door een dergelijk systeem uitgevoerde controles en een evaluatie van het verwachte foutenrisico verstrekt, en wordt informatie inzake bestaande en geplande maatregelen inzake fraudepreventie en bescherming tegen fraude opgegeven.
Bij deze beoordeling wordt rekening gehouden met de verwachte omvang en soort fouten, de specifieke omstandigheden van het beleidsterrein in kwestie en met de daarop toepasselijke regels.
4.
Wanneer de Commissie herziene of nieuwe voorstellen voor uitgaven indient, raamt zij de kosten en baten van de controlesystemen en het verwachte foutenrisico zoals bedoeld in lid 3.