Waarde en erfrecht
Einde inhoudsopgave
Waarde en erfrecht (Publicaties vanwege het Centrum voor Notarieel Recht) 2008/10.4.1:10.4.1 Inleiding
Waarde en erfrecht (Publicaties vanwege het Centrum voor Notarieel Recht) 2008/10.4.1
10.4.1 Inleiding
Documentgegevens:
prof. dr. mr. W. Burgerhart, datum 31-12-2007
- Datum
31-12-2007
- Auteur
prof. dr. mr. W. Burgerhart
- JCDI
JCDI:ADS616828:1
- Vakgebied(en)
Erfrecht (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In het voorafgaande heb ik al een enkele keer verwezen naar de door de wetgever in Boek 4 BW toegepaste, zogenoemde vereenzelviging van een N.V. of B.V. met haar aandeelhouder. Deze vereenzelviging wordt in twee bepalingen aangetroffen, te weten in art. 4:38 lid 2 en art. 4:74 lid 1 tweede volzin BW. Het criterium is in beide bepalingen identiek, en bestaat uit twee onderdelen:
erflater was bestuurder van de desbetreffende N.V. of B.V.;
erflater hield daarin alleen of tezamen met zijn medebestuurders de meerderheid van de aandelen.
In de volgende paragraaf zal ik aan de hand van de wetsgeschiedenis, jurisprudentie en literatuur het ‘bereik’ van dit criterium in beeld brengen. Ik sluit dit onderdeel in paragraaf 4.3 af met enige kanttekeningen en conclusies.