Einde inhoudsopgave
Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie (herschikking)
Artikel 152 Indiening van aanvraagdocumenten
Geldend
Geldend vanaf 29-09-2024
- Bronpublicatie:
23-09-2024, PbEU L 2024, 2024/2509 (uitgifte: 26-09-2024, regelingnummer: 2024/2509)
- Inwerkingtreding
29-09-2024
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
23-09-2024, PbEU L 2024, 2024/2509 (uitgifte: 26-09-2024, regelingnummer: 2024/2509)
- Vakgebied(en)
EU-recht / Algemeen
EU-recht / Financiering
1.
De voorwaarden inzake de indiening van aanvraagdocumenten worden bepaald door de bevoegde ordonnateur, die voor één enkele wijze van indiening kan kiezen.
De gekozen communicatiemiddelen waarborgen een werkelijke mededinging en zorgen ervoor dat aan de volgende voorwaarden wordt voldaan:
- a)
elke aanvraag bevat alle nodige informatie voor de beoordeling ervan;
- b)
de integriteit van de gegevens blijft behouden;
- c)
de vertrouwelijkheid van de aanvraagdocumenten wordt gewaarborgd;
- d)
de bescherming van persoonsgegevens overeenkomstig Verordening (EU) 2018/1725 wordt gewaarborgd.
2.
De Commissie waarborgt met passende middelen en overeenkomstig artikel 150, lid 1, dat deelnemers de aanvraagdocumenten en alle bewijsstukken in elektronisch formaat kunnen indienen. De elektronische communicatiesystemen die worden gebruikt ter ondersteuning van communicatie en informatie-uitwisseling, zijn niet-discriminerend en algemeen beschikbaar, alsmede interoperabel met algemeen gebruikte informatie- en communicatietechnologieproducten, en beperken de toegang van deelnemers tot de toekenningsprocedure niet.
De Commissie brengt geregeld verslag uit aan het Europees Parlement en aan de Raad over de voortgang in de toepassing van dit lid.
3.
Apparaten voor de elektronische ontvangst van aanvraagdocumenten waarborgen door middel van technische oplossingen en adequate procedures dat:
- a)
de deelnemer met zekerheid kan worden geauthenticeerd;
- b)
het exacte tijdstip en de exacte datum van ontvangst van de aanvraagdocumenten nauwkeurig kunnen worden vastgesteld;
- c)
alleen gemachtigde personen toegang hebben tot de verzonden gegevens en de datum kunnen bepalen of wijzigen waarop de aanvraagdocumenten worden geopend;
- d)
tijdens de verschillende fasen van de toekenningsprocedure alleen de gemachtigde personen toegang hebben tot alle verstrekte gegevens en toegang kunnen geven tot de gegevens, voor zover dat nodig is voor de procedure;
- e)
redelijkerwijs is gewaarborgd dat pogingen tot inbreuken op de in de punten a) tot en met d) vastgestelde voorwaarden kunnen worden opgespoord.
De eerste alinea is niet van toepassing op overeenkomsten beneden de drempels die zijn vastgesteld in artikel 178, lid 1.
4.
Wanneer de bevoegde ordonnateur toestaat dat aanvraagdocumenten langs elektronische weg worden ingediend, worden de aldus ingediende documenten in elektronische vorm als origineel beschouwd.
5.
Wanneer aanvraagdocumenten bij brief worden ingediend, kunnen de deelnemers kiezen:
- a)
hetzij per post of per besteldienst, in welke gevallen het poststempel of de datum van het ontvangstbewijs als bewijs van indiening geldt;
- b)
hetzij door indiening bij de diensten van de bevoegde ordonnateur door de deelnemer in persoon of door een gemachtigde, in welk geval het ontvangstbewijs als bewijs van indiening geldt.
Voor overeenkomsten die door of uitsluitend in het belang van delegaties van de Unie in derde landen worden toegekend, kan de aanbestedende dienst de indiening per brief beperken tot slechts één van de bovengenoemde middelen. Indien de aanbestedende dienst van deze bepaling gebruikmaakt, documenteert hij de redenen voor die beperking.
6.
Door het indienen van aanvraagdocumenten gaan deelnemers ermee akkoord langs elektronische weg in kennis te worden gesteld van het resultaat van de procedure.
7.
Deelnemers of ontvangers of andere personen of entiteiten zoals bedoeld in artikel 137, lid 2, aanvaarden kennisgevingen te ontvangen overeenkomstig de voorwaarden van de specifieke juridische verbintenis of de specifieke concessieovereenkomst, inclusief elke kennisgeving betreffende de toepassing van in artikel 137, lid 1, bedoelde maatregelen. Wanneer het in artikel 137, lid 2, punt b), bedoelde personen of entiteiten betreft, is de aanvrager ervoor verantwoordelijk de aanbestedende dienst in kennis te stellen van het adres van de betrokken entiteit.
Tenzij de uitwisseling plaatsvindt via het in artikel 151 bedoelde elektronische uitwisselingssysteem, wordt ervan uitgegaan dat de persoon of entiteit, wanneer de persoon of entiteit langs elektronische weg in kennis is gesteld op het in de aanvraag vermelde adres en er geen uitdrukkelijke bevestiging van ontvangst van de elektronische kennisgeving is gegeven, in de mogelijkheid is gesteld kennis te nemen van de inhoud van de uitwisseling en wordt geacht dat de inhoud ter kennis is gebracht.
8.
De leden 1 tot en met 7 van dit artikel zijn niet van toepassing op de selectie van personen of entiteiten die middelen van de Unie uitvoeren overeenkomstig artikel 62, lid 1, eerste alinea, punt c), tenzij de selectie plaatsvindt naar aanleiding van een oproep tot het indienen van blijken van belangstelling.