Voorlopige hechtenis in het Nederlandse jeugdstrafrecht
Einde inhoudsopgave
Voorlopige hechtenis in het Nederlandse jeugdstrafrecht (Meijers-reeks) 2017/7.4:7.4 Bevelsbeslissing
Voorlopige hechtenis in het Nederlandse jeugdstrafrecht (Meijers-reeks) 2017/7.4
7.4 Bevelsbeslissing
Documentgegevens:
mr. drs. Y.N. van den Brink, datum 01-12-2017
- Datum
01-12-2017
- Auteur
mr. drs. Y.N. van den Brink
- Vakgebied(en)
Bijzonder strafrecht / Algemeen
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Voorlopige hechtenis kan, op vordering van de officier van justitie, worden bevolen (1) in gevallen waarin de wet uitdrukkelijk in deze mogelijkheid voorziet, (2) doch slechts indien er ernstige bezwaren jegens de verdachte bestaan, (3) een door de wetgever legitiem geachte grond voor voorlopige hechtenis aanwezig wordt geacht en (4) het anticipatiegebod niet aan toepassing van voorlopige hechtenis in de weg staat. Indien de rechter besluit de voorlopige hechtenis te bevelen, zal hij (5) de duur van het bevel moeten bepalen. In de navolgende paragrafen 7.4.1 tot en met 7.4.5 wordt uiteengezet hoe rechters in de praktijk invulling geven aan deze vijf stappen in de besluitvorming over het al dan niet bevelen van de voorlopige hechtenis van een minderjarige.
7.4.1 Gevallen7.4.2 Ernstige bezwaren7.4.3 Gronden7.4.4 Anticipatiegebod7.4.5 Duur van het bevel