Voorlopige hechtenis in het Nederlandse jeugdstrafrecht
Einde inhoudsopgave
Voorlopige hechtenis in het Nederlandse jeugdstrafrecht (Meijers-reeks) 2017/7.6:7.6 Overige voorlopige hechtenisbeslissingen
Voorlopige hechtenis in het Nederlandse jeugdstrafrecht (Meijers-reeks) 2017/7.6
7.6 Overige voorlopige hechtenisbeslissingen
Documentgegevens:
mr. drs. Y.N. van den Brink, datum 01-12-2017
- Datum
01-12-2017
- Auteur
mr. drs. Y.N. van den Brink
- Vakgebied(en)
Bijzonder strafrecht / Algemeen
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Aangenomen kan worden dat de in paragraaf 7.5.1 en 7.5.2 weergegeven bevindingen over de schorsingsbeslissing en de beslissing over het gebruik van bijzondere schorsingsvoorwaarden tevens relevant zijn voor de beslissing op een tussentijds verzoek tot schorsing of tot wijziging van de schorsingsvoorwaarden.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In het bovenstaande is uitgebreid aandacht besteed aan het besluitvormingsproces van de rechter-commissaris en raadkamer ten aanzien van een vordering tot inbewaringstelling of (verlenging van de) gevangenhouding. In de praktijk worden de rechter-commissaris en raadkamer soms ook geconfronteerd met andersoortige vorderingen of verzoeken die betrekking hebben op de voorlopige hechtenis. Hierbij kan worden gedacht aan een tussentijds verzoek van de advocaat van de verdachte tot schorsing van de voorlopige hechtenis of tot wijziging van de schorsingsvoorwaarden. Nu de beslissingen over de schorsing en de schorsingsvoorwaarden al ruimschoots aan de orde zijn gekomen, zal aan deze beslissingen niet specifiek aandacht worden besteed.1 Een beslissing die in de onderstaande paragraaf wel bijzondere aandacht krijgt, is de beslissing van de rechter-commissaris of raadkamer op een vordering van de officier van justitie tot opheffing van de schorsing van de voorlopige hechtenis.
7.6.1 Opheffing schorsing